Vijf vragen aan Paul Geraets

“Uitdagingen zijn nooit exclusief voor één bedrijfstak”, Paul Geraets

We spraken Paul Geraets, werkzaam als Strategisch Financieel Adviseur bij Provincie Limburg en voorzitter van de Raad van Commissarissen van woningcorporatie Weller Wonen. Daarnaast is hij Extern Examinator Afstudeerrichting Bedrijfseconomie bij Zuyd Hogeschool en heeft hij bestuurservaring opgedaan bij Prins Bernhard Cultuur Fonds Limburg en Vriendenvereniging Limburgs Symfonie Orkest (LSO) De vijf vragen aan….. Paul Geraets.

Als specialist in het vervullen van toezichthoudende functies, spreken we bijna dagelijks (potentiële) toezichthouders/commissarissen, opleiders, bestuurders en stakeholders. Persoonlijke en vaak indringende gesprekken, geven ons een inkijk en een goed beeld van de beweegredenen om een toezichthoudende functie te aanvaarden. Het houden van toezicht is inmiddels ontwikkeld met al haar verplichtingen, verantwoordelijkheden en maatschappelijke opgaven. Elke maand stelt Delfin Executives 5 vragen aan een toezichthouder.

Is toezicht te combineren met een drukke baan?

Als je het goed organiseert wel. Ik heb altijd al iets met cultuur en wonen gehad, als je dan ook nog eens een financiële achtergrond hebt, is dat vooral handig en doorzie je snel structuren. Vanuit mijn functie bij de Provincie Limburg is het erg zinvol om ook de zogenaamde governance ‘driehoek’ te zien als er ook aandeelhouders bij komen. Bij diverse organisaties vertegenwoordig ik de Provincie als aandeelhouder en dat is interessant om vanuit alle aspecten te bekijken. En ja, dat kost tijd maar zorgt ook voor energie. Zeker nu met mijn voorzitterschap bij Weller Wonen is het erg druk. We hadden te maken gehad met een complex dossier, de realisatie van het Maankwartier in Heerlen, een project van ongekende omvang en onlangs nog met een verandering van het bestuur.. De RvC besloot in de nieuwe fase waarin we verkeren om terug te gaan van een 2-hoofdig bestuur naar één directeur-bestuurder. Zeker als voorzitter vanuit je werkgeversrol kost dat veel tijd en energie.

Wanneer ben je een ‘goede toezichthouder’?

In mijn optiek voer je je rol van toezichthouder goed uit als je goed luistert, vragen durft te stellen en weet wat er speelt in de organisatie. De basis is vertrouwen. Ben op de hoogte van datgene dat niet in de stukken staat. Poneer niet alleen stellingen maar ben oprecht geïnteresseerd. Neem als voorbeeld leefbaarheid. Leefbaarheid in wijken is voor Weller erg belangrijk. Bezoek projecten en wijken en zoek ook het contact met die andere organisaties, zoals de huurderskoepels en gemeenten. Hoe kun je elkaar versterken? Dat is natuurlijk allereerst de taak van de bestuurder maar sluit aan als RvC. Een mooi voorbeeld in Heerlen is het Nationaal Project Heerlen-Noord. In het Nationaal Programma Heerlen-Noord werken bewoners, bedrijven, overheden en maatschappelijke organisaties de komende 25 jaar samen aan een betere toekomst voor Heerlen-Noord. Dat doe je niet alleen, dat doe je samen en dan is het goed om elkaar te informeren, zowel in- als extern.

Moet je uit de sector komen als toezichthouder?

Het is niet noodzakelijk dat je uit de sector komt, je moet wel in staat zijn om de materie snel eigen te maken. Bij de Provincie was ik destijds kartrekker bij de verkoop van Essent aan RWE en van de Essent-gelden die vrijkwamen. Ik had weinig kennis van energie maar bleek gelukkig in staat dat snel eigen te maken. Datzelfde geldt bijvoorbeeld ook voor een ander project dat ik heb gedaan: de ondertunneling van de A2. Ik ben financial van origine en geen infra-structuurspecialist. Toch is het gelukt om snel op hoofdlijnen in te schatten welke risico’s er zijn, welke adviezen gegeven moeten worden en welke besluiten genomen moeten worden. Problemen zijn nooit exclusief voor een bedrijfstak. Uitdagingen die voor de ene sector wellicht nieuw zijn, zijn ergens anders al eens aan de orde geweest. De kracht van een toezichthouder is juist om die uitdagingen, kennis en ervaring met elkaar te verbinden.

Wat moet morgen veranderen in toezichthoudend Nederland?

We moeten terug naar een meer genormaliseerde governance. Toezicht is goed maar we slaan af en toe door. Als er ergens een misstap is, dan schiet de politiek vaak begrijpelijk in een kramp maar de oplossing is niet altijd even doeltreffend. Als een misstap zorgt voor toezicht op toezicht op toezicht, kun je je afvragen wat dan nog de rol van de RvC is. Het gevolg is ook nog dat je, door strakkere regelgeving, risicomijdend gedrag krijgt bij organisaties. Vaak is het niet verkeerd om risico’s te nemen, als het maar verantwoord is en je het kunt uitleggen. Jammer is als het risicomijdend gedrag goede ideeën en kansen in de weg staat. Wat verder nog mag verbeteren is het verder professionaliseren van toezicht. Zorg als voorzitter van een RvC steeds dat je een goed team hebt, zoek hierbij ook naar aanvullende (sociale) competenties en ga niet alleen voor de beste CV’s bij invulling van vacante posities. De 11 beste voetballers worden zelden samen wereldkampioen. Tot slot is het een goede ontwikkeling dat er opleidingen zijn om jonge nieuwe toezichthouders te enthousiasmeren.

Welke tips heb je voor (nieuwe) toezichthouders?

Ten eerste: doe het! Toezicht is mooi, waardevol en brengt veel voor jezelf en de organisaties. We zijn met z’n allen gebaat bij frisse ideeën. En natuurlijk snap ik dat het te combineren moet zijn met vaak een gezinsleven, een verantwoordelijke functie binnen een organisatie of een opleiding. Maar toch, laat je hier niet door weerhouden. Maak vervolgens een goede afweging. Bij welke organisatie en op welke functie reageer ik. Ga niet overal op in maar ben kieskeuring. Je moet betrokkenheid voelen en vooral….laat je niet afschrikken door anderen die zeggen dat je te weinig ervaring hebt. Ga uit van je eigen kracht. Het toezicht heeft je nodig!

Voor vragen over vijf vragen aan Paul Geraets kun je contact opnemen met Max Ruiters.

Artikelen

Max Ruiters

Vijf vragen aan Peter van Mulkom

“Maak bespreekbaar daar waar het schuurt” ...

Max Ruiters

Vijf vragen aan Linda van Driel

“Omarm dat je anders bent.” ...