Vijf vragen aan Radboud Quik

“Kijk nog eens goed naar de term toezicht”, Radboud Quik

We spraken Radboud Quik, bestuurder bij Koraal. Daarnaast is hij voorzitter van de Raad van Toezicht bij Zorg Aan Zet en bestuurder bij IZZ (functie gerelateerd), commissaris bij SBOH, Vice-voorzitter van de Raad van Toezicht bij Pro Senectute en commissaris bij Rijnmond Dokters.

Als specialist in het vervullen van toezichthoudende functies, spreken we bijna dagelijks (potentiële) toezichthouders/commissarissen, opleiders, bestuurders en stakeholders. Persoonlijke en vaak indringende gesprekken, geven ons een inkijk en een goed beeld van de beweegredenen om een toezichthoudende functie te aanvaarden. Het houden van toezicht is inmiddels ontwikkeld met al haar verplichtingen, verantwoordelijkheden en maatschappelijke opgaven. Elke maand stelt Delfin Executives 5 vragen aan een toezichthouder.

Waarom stel je die term toezicht ter discussie?

Het antwoord is voor mij heel helder: alleen toezicht houden is niet meer van deze tijd. Er wordt steeds meer van commissarissen verwacht naast toezicht houden. Het woord “toezicht” doet denken aan controle. Natuurlijk, de basis moet op orde zijn en als commissaris moet je de wettelijke en in governancecodes vastgelegde controletaken uitvoeren. Maar de rol van de huidige commissaris is veel breder. Ik zie mij als een pro actieve toezichthouder zonder de checks en balances tussen bestuur en toezicht uit het oog te verliezen. De commissaris is er om te sparren, vragen te stellen, mee te denken met het bestuur. Gespreksthema’s als de strategie en de ontwikkelingen in de omgeving en de balans tussen ‘run’ (dagelijkse dienstverlening) en ‘change’ (de veranderopgave) passen daar goed bij. Deze werkwijze maakt de wisselwerking tussen bestuur en commissaris complexer én boeiender. Het steeds vaker gebruiken van de term Raad van Commissarissen (ook via wetgeving) is wat mij betreft dan ook een goede zaak.

Naast je hoofdfunctie heb je de nodige toezichthoudende functies en vooral zorg-gerelateerd. Waarom?

Ik kies inderdaad bewust voor de zorg, zowel in mijn hoofdfunctie als de commissariaten. In de zorg “gebeurt het”, geen andere sector heeft zo bijgedragen aan de kwaliteit van ons leven. Als je ergens maatschappelijke waarde kunt toevoegen dan is dat in deze sector. Dat neemt helemaal niet weg dat andere sectoren ook van groot belang zijn, maar de zorgsector past vanuit mijn eigen levens- en werkervaring nu eenmaal goed bij mij als persoon. Het mooie van commissaris is dat je ook altijd je ervaringen uit de ene Raad kunt toepassen op de andere en in je reguliere baan. Die kruisbestuiving is goed, zeker in de zorg waar regionale netwerken de komende jaren het verschil gaan maken. Kortom, ik ben een zorgmens in hart en nieren en daar voel ik me goed bij.

Wanneer is een Raad van Commissarissen ‘goed’?

Dat begint al bij de samenstelling. Durf je elkaar aan te spreken, ben je complementair aan elkaar en het allerbelangrijkste: is er wederzijds vertrouwen en respect tussen bestuur en toezichthoudend orgaan? Is er voldoende dialoog met vertegenwoordigende gremia zoals een Ondernemingsraad of een Cliëntenraad. De Raad is zo sterk als de kwaliteit van de individuele bijdrage aan het geheel. Koester die, sta open voor andere meningen en niet “dat hebben we altijd al zo gedaan”. Het lijkt wel een beetje een missie maar ik voel dat echt zo. Ook al zie je elkaar maar enkele keren per jaar, je bent een team en medeverantwoordelijk voor het wel en wee van de organisatie en de kwaliteit en continuïteit van de dienstverlening.

Wat moet morgen veranderen in toezichthoudend Nederland?

Meer invloed van de mensen voor wie en met wie we werken. Een ondernemingsraad of cliëntenraad heeft nu vaak een voordracht recht in de RvC. Wat mij betreft mag hun inbreng meer integraal een vaste plek krijgen in de RvC. Ik denk dan aan een formele afvaardiging, die overigens zonder “last of ruggespraak” en onafhankelijk in de Raad functioneert. Het geluid van degenen waar toezicht op wordt gehouden zal beter doorklinken. Natuurlijk is dit voor elke organisatie maatwerk, maar ik gun Raden en Besturen dat ze nog meer open staan voor deze inbreng omdat die in mijn ogen soms onderbelicht blijft.

Welke tips heb je voor (nieuwe) toezichthouders?

Ga op zoek naar de sector waar je hart ligt, zoek een team waarvan je kunt leren. En, laat ik het maar eens hardop zeggen: je mag het ook deels voor jezelf doen. Een motivatie ‘ik wil iets teruggeven aan de maatschappij’ is relevant en mooi, maar het is ook gewoon goed om in jezelf te investeren. Daar heeft de samenleving als geheel ook echt profijt van. Als je commissaris wordt, neem je die ervaringen mee in je baan of in andere organisaties en als jij er qua ontwikkeling op vooruit gaat, is dat voor die organisaties ook goed. Durf dat uit te spreken. Een andere tip is om vooral bewust te kiezen. Waar ben je goed in, wat vind je leuk en vooral blijf authentiek en dicht bij jezelf. En tot slot…’learning by ‘doing’. Het toegenomen cursusaanbod verrijkt startende en ervaren commissarissen. Tegelijk biedt dat geen garantie op het goed vervullen van een rol als commissaris. Daar komt je persoonlijke impact vooral tot uiting. Je levens- en werkervaring (‘vlieguren)’ tellen wat mij betreft zwaarder dan een opleiding.

Voor vragen over vijf vragen aan Radboud Quik kun je contact opnemen met Max Ruiters.

Artikelen

Elise Lansu

Elise Lansu: Drijvende kracht achter vrouwelijk leiderschap

‘Als executive searcher heb je de verantwoordelijkheid om maatschappelijk relevante thema’s, zoals meer gendergelijkheid in de...

Max Ruiters

Vijf vragen aan Leontien Mees

“Probeer geen toezichthouder te zijn” ...